Vul de bedragen correct in op de juiste zijde van de T-rekening
Bakkerij Vermeersch koopt op 5 maart een nieuwe oven voor €3.200 cash.
Boek deze aankoop in de T-rekeningen "Uitrusting" en "Kas".
💡 Een aankoop vergroot de uitrusting (debet) en vermindert de kas (credit).
Fietsenwinkel De Zwarte Parel ontvangt op 12 april een bankstorting van een klant: €850 voor een eerder geleverde fiets.
Boek in de T-rekeningen "Bank" en "Handelsdebiteuren".
💡 De bank ontvangt geld (debet). De vordering op de klant daalt (credit handelsdebiteuren).
Kapsalon Sylvie neemt op 3 mei een banklening op van €10.000. Het bedrag wordt gestort op de bankrekening.
Boek in de T-rekeningen "Bank" en "Schulden aan kredietinstellingen".
💡 Een lening brengt geld binnen (debet bank) maar creëert ook een schuld (credit schulden aan kredietinstellingen).
Sportwinkel RaceFast betaalt op 18 juni de huur van de maand juni: €950 via bankoverschrijving.
Boek in de T-rekeningen "Huur en huurlasten" en "Bank".
💡 Kosten staan altijd in het debet. De betaling vermindert de bank (credit).
Bloemist Florine verkoopt op 25 juli bloemen aan een klant voor €320. De klant betaalt cash aan de toonbank.
Boek in de T-rekeningen "Kas" en "Verkopen handelsgoederen".
💡 Opbrengsten staan altijd in het credit. De ontvangen kas groeit (debet).
Slagerij Van Acker koopt vleeswaren aan bij een groothandel voor €1.750. De factuur wordt nog niet betaald.
Boek in de T-rekeningen "Aankopen handelsgoederen" en "Leveranciers".
💡 Aankopen zijn een kost (debet). Nog niet betaald = schuld aan leveranciers (credit).
Garage Motori betaalt op 14 augustus de openstaande schuld aan leveranciers van €2.300 via bankoverschrijving.
Boek in de T-rekeningen "Leveranciers" en "Bank".
💡 Een schuld betalen vermindert de schuld (debet leveranciers) en vermindert de bank (credit).
Kledingzaak Stijlvol koopt een nieuwe etalagepop (meubilair) voor €480 cash.
Boek in de T-rekeningen "Meubilair" en "Kas".
💡 Meubilair is een vast actief — aankoop vergroot het meubilair (debet) en vermindert de kas (credit).
Drukkerij PrintPro ontvangt op 22 september een factuur voor elektriciteit van €620. De factuur wordt pas volgende maand betaald.
Boek in de T-rekeningen "Aankopen diensten en diverse goederen" en "Leveranciers".
💡 Elektriciteit = diensten en diverse goederen (kost, debet). Nog niet betaald = schuld aan leveranciers (credit).
Reisbureau Verre Horizonten verkoopt op 10 oktober een reispakket voor €2.150 aan een klant. De klant betaalt nog niet — hij ontvangt een factuur.
Boek in de T-rekeningen "Handelsdebiteuren" en "Verkopen handelsgoederen".
💡 Verkoop op factuur = vordering op klant (debet handelsdebiteuren). Opbrengst staat altijd in het credit.